Ondersteuningsaanbod

Ondersteuningsaanbod 

Verhuur en verkoop van schoolgebouwen

De vraag naar nieuw- en vernieuwbouw groeit nog namelijk door jarenlange desinvestering ( veroudering gebouwen) , felle stijging leerlingenpopulatie op bepaalde plaatsen, aanpassingen aan nieuwe veiligheidsvoorschriften, wijzigende didactische behoeften,….

Een gerichte politiek inzake verhuren en verkopen van schoolgebouwen kan voordelen opleveren m.n.:

• Door vermindering van niet aangepaste oppervlakten dalen recurrente kosten zoals verwarming, onderhoud, personeel
• De inkomsten kunnen worden geïnvesteerd in schooloppervlakten die wel nuttig zijn. Hierbij wordt in de eerste instantie gedacht aan kostensparende investeringen en veiligheidswerken en in een tweede fase aan verfraaiingswerken.
• Ook kunnen deze middelen bovenop de lange termijn bouwplanning gebruikt worden om acuut plaatsgebrek op te lossen Dit kan o.a. door aankoop van tijdelijke ( mobiele) containerklassen.

Nieuwbouw

Jaarlijks beschikt GO! onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap over een machtiging voor het uitvoeren van grote infrastructuurwerken.

De opmaak van een bouwplanning gebeurt momenteel op basis van voorstellen van de scholengroepen waaruit de adviescommissie Infrastructuur een zeer sterk gereduceerde prioritaire lijst opstelt. De criteria die men hanteert werden op de Raad van 27 mei 2005 vastgelegd en zijn de volgende:

  • Uitsluitingscriterium: Het project dient te voldoen aan de voorwaarden gesteld door de fysische normen voor de schoolgebouwen.
  • Dwingende criteria: ( hierbinnen geen volgorde van belangrijkheid):
    - Wettelijke vereisten:
    - Dwingende doorlichting
    - Milieu- en veiligheidsnormen
    - Specifieke wetgeving
    - Het tekort aan klaslokalen door een aanhoudende sterke leerlingenstijging in scholen ( over meerdere schooljaren)
  • Andere criteria ( hierbinnen geen volgorde van belangrijkheid):
    - Voltooiing en verder zetten van gestarte gefaseerde projeten en/of van totaalprojecten
    - Aanpassen van nodige kredieten en verdeling in schijven
    - Dure inhuring
    - Functionele noden en wijzigende pedagogische vereisten ( verouderde en niet aangepaste infrastructuur, wijziging in onderwijsaanbod,….)
    - Nieuwe oprichting school
    - Afbraak oude en voorlopige paviljoenen mogelijk na nieuwbouw

De Raad vraagt dat de scholengroepen bij elk voorstel van bouwproject aanduidt op welke wijze de lokalen zullen ingericht en uitgerust worden. De raad zal enkel projectvoorstellen goedkeuren van scholengroepen die beschikken over een masterplan, waarin het project kadert.
Daarnaast wordt ook rekening gehouden met:
- De instandhouding van het patrimonium;
- De nodige realisatietijd voor de diverse dossiers.
Deze doorlooptijd is afhankelijk van grootte en complexiteit van het project, stedenbouwkundige aspecten e.d.
Vooraleer men een effectieve nieuwbouw plant doet men er goed aan na te gaan in hoeverre vernieuwbouw, aankoop ( al dan niet via PPS en /of DBFM) voordeliger zijn. Hierbij kan rekening worden gehouden met de timing,onbeschikbaarheid van de school, inplanting en prijs. 

Vernieuwbouw

In vele gevallen kan het voordelig zijn gefaseerde vernieuwbouw door te voeren.  Dit is vooral van toepassing op scholen met voldoende , maar niet langer aan de behoeften aangepaste oppervlakten.
Belangrijk in deze is de afstemming van de bestedingen voor werken die gebeuren met middelen Eigenaarsonderhoud,Kleine Infrastructuurwerken en Grote Infrastructuurwerken, wat verkwisting kan voorkomen.  Een goede communicatie is dus van groot belang. De inbreng van de scholengroepen laat tevens toe om de patrimoniumdatabank up-to-date te houden en aansluitend de opvolging van het scholenbouwbeleid te verzekeren. Indien gevraagd kan de afdeling Infrastructuur de scholengroepen adviseren inzake de keuze van projecten EO en KIW. Bovendien kan in bepaalde gevallen ondersteuning geboden worden via de aanmaak van technische voorbeeldbestekken voor projecten die algemeen toepasbaar zijn in elke scholengroep (vb installatie verwarming, ramen, herstelling daken,…)

Uitvoeren van projecten in DBFM/PPS vorm

PPS

Zoals reeds aangehaald kunnen ook PPS-projecten zorgen voor alternatieve middelen om het schoolpatrimonium te verbeteren.
Deze projecten kunnen een autonoom karakter aannemen of binnen de bouwplanning worden gerealiseerd maar vereisen steeds een aparte benadering. Hiervoor moet nauw worden samengewerkt met zowel de scholengroepen voor het inhoudelijke aspect, de coördinatie PPS voor project ontwikkeling voor de wettelijke opvolging en tenslotte met de afdeling Financiën voor wat de correcte boekhoudkundige registratie betreft.

DBFM

Op 10 november 2005 keurde de Vlaamse regering de concrete plannen van minister Vandenbroucke goed om tegen 2011 een achterstand van € 1,1 miljard in scholenbouw in te halen via publiek-private samenwerking. De Vlaamse overheid zal daartoe een vennootschap met financiële aandeelhouders selecteren, waarin ze voor 25% zal participeren. De vennootschap wordt verantwoordelijk voor het ontwerp (Design), de bouw (Build), de financiering (Finance) en het in stand houden (Maintain) van de bouwprojecten (DBFM) en ontvangt daarvoor van de schoolbesturen een prestatiegebonden beschikbaarheidsvergoeding.

Het investeringsprogramma van € 1 miljard werd opgesteld door een netoverschrijdende selectiecommissie die bestaat uit vertegenwoordigers van de koepels, deskundigen, leden van de onderwijsinspectie en de Vlaamse Bouwmeester.
Het Vlaams Parlement keurde op 7 juli 2006 het DBFM-decreet goed. Eind 2006 besliste de Vlaamse regering om de selectieprocedure voor de aanstelling van de privépartner stop te zetten en een nieuwe op te starten.
Omwille van de omvang, ter waarde van ca. 1 miljard euro en de betekenis van het DBFM-programma voor de onderwijsactoren heeft de procedure een grote vertraging opgelopen. Tenvroegste in het najaar van 2008 kan de private partner worden geselecteerd en in het voorjaar van 2009 de eerste projecten opgestart.
Een commissie heeft unaniem 256 projecten, inclusief reservelijst (45), goedgekeurd voor een totale kostprijs van 1,2 miljard euro, waaronder een aantal 'modelprojecten'. Volgens de Vlaamse Bouwmeester zijn dit projecten die op één of meerdere vlakken toonaangevend zijn. Ze kunnen model staan voor de 'school van de toekomst', zowel op onderwijskundig, op architecturaal als op maatschappelijk vlak. Deze projecten zullen een aangepaste begeleiding en ondersteuning krijgen.

GO! onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap en DBFM

Door de aanstelling van een DBFM-verantwoordelijke binnen de afdeling Infrastructuur wil het GO! zich voorbereiden op de realisatie van deze projecten en de scholen ondersteunen bij de opmaak van hun projectdefinitie.
Voor het DBFM-programma komen 51 scholen van het GO! in aanmerking, waarvan:

  • 45 op de eerste lijst, inclusief 13 modelprojecten
  • 6 op de reservelijst, inclusief 3 odelprojecten

De geselecteerde vennootschap zal gesprekken aangaan met de inrichtende machten; wat kan resulteren in individuele DBFM-contracten tussen de inrichtende machten en de vennootschap.
De autonomie van het GO! blijft echter onaangetast. De eindbeslissing om mee te stappen in het DBFM-programma en dus aan het eind een individueel DBFM-contract te sluiten met de vennootschap, ligt finaal bij elke project. De vennootschap zal de schoolinfrastructuur ter beschikking stellen van het GO! gedurende 30 jaar, instaan voor het onderhoud en erover waken dat aan bepaalde minimumeisen wordt voldaan. Het GO! zal hiervoor in ruil een periodieke beschikbaarheidsvergoeding aan de vennootschap betalen. Op het einde van het individueel DBFM-contract wordt de schoolinfrastructuur kosteloos overgedragen aan het GO!. 

Recente initiatieven

Projecten via Open Oproepen

Een aantal projecten van het GO! onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap worden via een  Open Oproep in samenwerking met de Vlaams Bouwmeester georganiseerd. Het is een zoektocht naar architecturale kwaliteit , fijnzinnige ontwerpen, gespecialiseerde kennis om te komen tot een integrale visie en deze te bundelen en af te stemmen op de evoluerende eisen die gesteld worden aan vernieuwende schoolinfrastructuur.
De projectgerichte afweging van de verschillende ingediende concepten laat toe het beste concept te destilleren en uit te werken. De selectieprocedure is gebaseerd op het principe van een architectuurwedstrijd en de procedure is in overeenstemming met de wetgeving inzake overheidsopdrachten en de Europese mededingingsregels.
Het verloop van het volledig proces van een dossier voor de Vlaamse Bouwmeester vindt u hier in een PowerPoint presentatie.

“Rationeel EnergieGebruik”, ofwel REG, is evenveel (of meer) doen met minder energie.

De klimaatsveranderingen en de hoge energieprijzen hebben ons de laatste tijd met de neus op de feiten gedrukt: we moeten zuiniger omspringen met energie. Het GO! onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap  doet mee aan Rationeel Energie Gebruik, in de eerste plaats door duurzaam te bouwen. Bij een nieuwbouw zorgt men ervoor dat gebouwen zo weinig mogelijk energie verbruiken. Veel maatregelen in duurzaam bouwen zijn niet onmiddellijk zichtbaar maar op termijn voelbaar in de energierekening.

De klemtoon wordt niet allen gelegd bij nieuwbouw , de Vlaamse minister bevoegd voor het onderwijs heeft in de afgelopen jaren een aantal maatregelen uitgewerkt en voorstellen geformuleerd om de bestaande schoolgebouwen in Vlaanderen energiezuinig te maken.

GO! onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap en REG

In 2007 besliste De Raad  om de 11,2 miljoen euro aan extra machtiging die door de Vlaamse Gemeenschap ter beschikking werden gesteld te besteden aan REG-investeringen. De projecten dienden zich dan ook te situeren in één van volgende vier categoriën:

  • dakvernieuwing en isolatie van daken (en van de schil van het gebouw);
  • aanpassen ramen en dubbele beglazing;
  • moderniseren verwarmingsinstallaties (warmwaterproductie);
  • relighting.

De machtiging werd verdeeld onder de 28 scholengroepen op basis van de verdeelsleutel die gehanteerd wordt voor de KIW middelen.
De studie, gunning en opvolging van de werken werd in handen gegeven van de scholengroepen. De vastlegging en de betaling van de werken diende via het centrale niveau te verlopen.

Een overzicht van de taken van de afdeling Infrastructuur vindt u hier in een PowerPoint presentatie.

 
Verantwoordelijke Dirk Ferlin - dirk.ferlin@g-o.be - tel. 02 790 94 13 - laatste update 29.08.2008

GO! Alhambragebouw Emile Jacqmainlaan 20 1000 Brussel tel. 02 790 92 00 info@g-o.be Disclaimer Privacy