De wetfabriek
“Mijn man en ik houden al 20 jaar een fietswinkel open. Ondertussen ben ik ook al jaren politiek geëngageerd. Vorig jaar zette ik de stap van een lokaal mandaat naar een zitje in de federale Kamer van Volksvertegenwoordigers. Ik noem het federaal parlement de wetfabriek. Zorgvuldig schrijven we aan wetteksten om ze opnieuw te doen aansluiten op onze snel evoluerende samenleving. Tijdens de commissies bespreken de verschillende partijen deze wetsvoorstellen. Na goedkeuring in de commissie komen ze op de agenda in de plenaire vergadering. Goedgekeurde voorstellen komen dan terecht in senaat, waar er opnieuw over wordt gestemd. We zijn dikwijls heel lang bezig met die besprekingen om ieder woord, punt en komma goed te plaatsen en zo verkeerde interpretaties te vermijden. Ik ben in de politiek gegaan om mensen te helpen. Ik wil de samenleving beter maken door de wetgeving waar mogelijk te verbeteren, op mensenmaat.”
Kattenkwaad
“Toen we 14 jaar waren, hadden we een stagiair voor wiskunde. We sloten die voor de grap op in een van de paviljoentjes op school. We hadden
aan de binnenkant van de deur de klink eraf gehaald. Maar na de speeltijd waren wij helemaal vergeten dat die stagiair nog opgesloten zat. Pas een uur later kon hij bevrijd worden door een andere klas die daar les had. Het was zeker niet onze bedoeling om hem zo lang te laten zitten. Tot vandaag schamen we ons hier nog over, het is hier zelfs de eerste keer dat ik dit toegeef. (glimlacht)”
Respect
“Van mijn 12 jaar tot 18 jaar liep ik school in het KTA De Panne. Ik heb daar dus de helft van mijn jeugd doorgebracht. De leerkrachten behandelden ons altijd als volwassenen en ze namen ons ook serieus. Dat respect voor ons als leerlingen is me tot vandaag goed bij gebleven. Ook de leerlingen hadden allemaal een heel goede band met elkaar. Er was bovendien een goed contact tussen de verschillende richtingen. Er heerste geen hokjesmentaliteit, en dat vind ik persoonlijk een van de belangrijkste troeven van het GO!”